Tip 1

Zorg ervoor dat de condensor/radiateur van de koelmachine stof vrij is en zoveel mogelijk frisse lucht kan aanzuigen. Wanneer deze stof deeltjes bevat, kan het koelmiddel onvoldoende gekoeld worden en begint de koelmachine bij hoge buitentemperaturen aan en uit te slaan. Gebruik perslucht en een zachte borstel of spuit de condensor schoon met water. LET OP gebruik geen hogedruk. Dit om beschadiging van de lamellen te voorkomen.

 

Tip 2

Hoge drukken gaan vaak gepaard met warmweer. Hierdoor kan het zijn dat de koelmachine aan en uit gaat slaan. Voornamelijk bij het eerste melkmaal wanneer de melktank ook nog warm is van het reinigen kunnen de drukken in uw melkkoelinstallatie behoorlijk oplopen. Om de installatie te beschermen is de installatie beveiligd en schakelt deze automatisch uit. Wanneer de machine weer is afgekoeld start deze ook automatisch weer op. Wanneer dit het geval is kun je aan de zijkant van de condensor voorzichtig met koud water afkoelen. Bevestig bijvoorbeeld de waterslang zo dat er een continu stroom van koudwater tegen de condensor aan stroomt. Op deze manier help je de installatie te beschermen en is uw kostbare melk weer snel gekoeld. 

Tip 3

Wanneer uw een warmteterugwinning op uw melkkoelinstallatie hebt aangesloten en daarbij het voorraadvat helemaal vol is kan het zijn dat de druk in uw melkkoelinstallatie te hoog gaat worden. Wanneer de koelmachine gaat pendelen kun je het beste proberen warmwater af te tappen. Door dit effect wordt de koelmachine minder zwaar belast en zal het pendelen van de machine minder snel plaats vinden. De melk zal hiermee weer snel op de juiste temperatuur zijn. 

Tip 4

De koelmachine werkt het beste wanneer hij zoveel mogelijk frisse lucht kan aanzuigen. Let er daarbij op dat het buitenrooster voldoende groot is en zodoende voor voldoende luchtinlaat kan zorgen. De maatvoering voor de luchtdoorvoer moet minstens 2,5cm groter zijn dan de maat van de condensor/radiateur. Onze adviseurs kunnen u hierover uiteraard alles over vertellen.